Een Vrouw met een Piemel

In dagblad Trouw van 18 januari vraagt Monic Slingerland de lezer of hij of zij een kind op jeugdige leeftijd een hormoonbehandeling zou geven, waarmee ze bedoelt dat je het kind via externe medische ingrepen een andere geslachtsidentiteit wil geven. Meisje wil jongen worden, of jongen wil meisje worden.

Mijn antwoord is duidelijk. Ik zou weigeren. Ik ben een felle tegenstander van welke vorm van identiteitsverandering dan ook. Juist ook omdat ik de overtuiging ben toegedaan dat een mens meer is dan een biologisch wezen, zodat de beleving van eigen identiteit in sterke mate afhankelijk is van psychische processen die niet altijd juist en betrouwbaar zijn…;  denk aan zoiets ingrijpends als een psychose, een geestelijke toestand die de vloer aanveegt met het begrip ‘identiteit’.
Identiteit is een vaag begrip. Mensen identificeren zich met de vreemdste zaken, hetgeen alle eeuwen door wijsheidzoekers ertoe heeft gebracht mensen te adviseren een zoektocht te maken naar je echte zelf, een zelf dat meer is dan het simpele biologische wezen dat je voor de buitenwereld bent.
En juist omdat identiteit voor een groot deel samenhangt met psychische processen in jezelf is het niet juist de psychische beleving van de  werkelijkheid te negeren en je eenzijdig te richten op de biologische begrippen ‘man’ en ‘vrouw’.
Het wordt wat anders als de biologische identiteit van het kind niet vast staat, een jongen (bijvoorbeeld)  die geboren wordt met een vrouwelijk geslachtsorgaan, maar zonder baarmoeder en borsten. In dat geval is er sprake van biologische fouten en kan een medische behandeling gerechtvaardigd zijn.
In alle andere gevallen loop je het gevaar dat je behandeling weinig meer is dan – zoals Germaine Greer dat op harde wijze noemt –  zelfverminking: een aanslag plegen op je eigen lichaam, die helemaal niet nodig is, wanneer je de psychische beleving van de eigen identiteit op de eerste plaats zet.
Je kunt een sterke man zijn, wat uiterlijk betreft, en toch jezelf in een wereld plaatsen waarin je gevoelsmatig vrouw kunt zijn, gevoelens beleven dus, waarop de buitenwereld het etiket ‘vrouwelijk’ heeft geplaatst.
Het probleem is natuurlijk dat mannen die een vrouwelijke wereld willen opbouwen zich vaak stuklopen op een macho-maatschappij die domweg geen ruimte meer biedt aan mensen die zich niet thuis voelen in een primitieve hokjesmaatschappij, waarin de mens gereduceerd is tot biologisch ding.
In dat geval is transgenderschap die ertoe leidt dat een normaal mens wordt omgebouwd tot ding dat ingepast kan worden in een kwaadaardig systeem gewoon een kwaadaardig gebeuren.
Het is een aanval van lompe mensen op de geestelijke integriteit van een gevoelig mens, het demonstreert het  onvermogen ook mensen zichzelf te laten zijn in een maatschappij die vrouwelijk gedrag  in een man ziet als een soort afwijking van de biologische norm.
Binnen de wereld van de eenzijdige  bioman of biovrouw wordt altijd op een negatieve wijze gegeneraliseerd. De man moet zich als echte man gedragen, de vrouw moet een echte vrouw zijn. Dat is de reden waarom gevoelige mannen die vrouwelijke zachtheid in zich voelen het eigen lichaam gaan haten. Dat lichaam dwingt hem op een tegennatuurlijke wijze mannelijk te zijn, terwijl de zachtheid in zichzelf hen dwingt zichzelf ‘vrouw’ te noemen, ook al dat helemaal niet nodig is.
Dat aanpassingsproces ontwikkelt zich sterk in kinderen gedurende de pubertijd. Maar bij sommige kinderen  – zoals transkinderen – schijnt dat proces al eerder plaatst te vinden.
Zo zegt Nora Monsecour (een transgender die als voorbeeld is gekozen voor de hoofdpersoon in de film GIRL van Lukas Dondt) over zichzelf: Op mijn vierde jaar schreeuwde er al een stemmetje in mijzelf  ‘dat vieze piemeltje moet weg’, ‘ ik haat dat dingetje’…
Als nuchtere buitenstaander noem ik zoiets een vorm van psychopathologisch gedrag. Waarom zou je als klein meisje een piemel een vies dingetje moeten noemen. Zo een uitspraak laat volgens mij zien dat hier geen lief onschuldig menselijk wezentje spreekt..
Het is net zoiets als homo’s die als ze een bloot meisje zien zeggen: O, niet naar kijken, want dat meisje heeft een vies dingetje tussen haar benen..
Ik bedoel, het is een vorm van niet rationele beleving van de werkelijkheid. Een vagina – toegegeven –  kan er behoorlijk vies uitzien, wanneer de schaamlippen er een beetje chaotisch, uitgerekt en slap bij hangen, en soms zie je ook mannen met piemels waarvan je denkt: nou, dat zou er best een beetje beschaafder uit mogen zien meneer. Echt van die grote dierlijke gevallen, waarvan je denkt: jezus, dat is een hondenlul of paardenlul… niet echt mooi  dus, vooral in de ogen van mensen die een beetje een vrouwelijke inslag hebben.
Maar een jongetje van vier jaar heeft geen hondenlul, die heeft een heel klein, veelal zacht rozig dingetje uit zijn buik steken en wanneer je daar dan naar gaat zitten wijzen en  gaat schreeuwen: haal dat vieze dingetje weg dan vraag ik mezelf toch echt af of er hier geen sprake is van bezetenheid, een psychotische situatie dus waarin de eigen identiteit  wordt verdrongen of aangevallen door een invloed die je moeilijk ‘vrouwelijk ‘ kunt noemen.
Wanneer ik als vrouwelijke vent mensen ontmoet die naar mijn kruis wijzen en schreeuwen: haal dat vieze gevalletje weg ja.. dan heb ik toch echt de neiging om ze een flinke knal voor hun kanis te geven. Oprotten ja, blijf van mijn lul af.
Eigenzinnig als ik ben zet ik meteen een grote pruik op mijn hoofd en ik roep: Mag een vrouw een piemel hebben –  ja?
Zo is het toch? Waarom sturen we al die psychologen en psychiaters die vrouwelijke mannen hun piemel af willen pakken niet naar een heropvoedingsgesticht?
Ik kan me daar echt over opwinden omdat ik zelf als kind ook sterke vrouwelijke eigenschappen bezat.
Ik was verzot op vrouwelijke zaken als poppen en gedichtjes en sieraden en ga zo maar door, maar tegelijkertijd was ik ok een serieus mannelijk ventje dat het liefst met uiterst mannelijk ogende bouwdozen speelde.
In de lompe mannenwereld  van wat men voetbalminnend Nederland noemt zijn al die nuances  verdwenen. Dat is de reden waarom ik de meeste psychologen niet serieus neem. Dat zijn geen mensen die de menselijke geest willen leren kennen, maar mannen die de voetbal tot God verheven hebben.
Ben je een jongen en wil je niet voetballen? O, hupsakee, gauw met een groot mes je piemel eraf…
Nou, dat is toch echt sadisme van het zuiverste water en daarom zeg ik dus nee tegen het transgenderschap.

Wat ik wel waardevol vind is de vrijheid om dat gedrag te kiezen en die  kleding te dragen die je zelf mooi vind. Wees een vrouw, maak jezelf op, maar zie in je piemel geen vies ding, maar een mooie, genot schenkende vrouwenclit.
Dat zou je geestelijk transgenderschap kunnen noemen.
Je piemel noem je gewoon clitoris. Je mannenborsten zijn vrouwentieten, en als je iemand anders gaat zoenen dan denk je bij jezelf: ik ga je lekker op een heel meisjesachtige wijze zoenen. en dat is best wel lekker, want je hebt kerels die niks afweten van zoenen, die als een lompe beer op een vrouw gaan liggen bonken en in een woeste bui de tepels van de partner er als het ware afbijten. Zo van: een man is een beest en een vrouw is in mijn wereld weinig meer dan een dood lijk.

Ja, ik geeft toe dat ik mezelf hard opstel, maar ik ben nu ik dit schrijf dan ook een zeer vrouwelijke man die op een furieuze wijze haar piemel aan het verdedigen is.
Ik ben een vrouw met een piemel. Mag ik?

Over Wim Duzijn
Astroloog, Anarcho-Liberaal, Schrijver. Voor meer info daarover. Zie mijn website: www.wimduzijn.nl

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: